Spring naar inhoud

Onderzoek en valorisatie

3.1 Inleiding

Naast onderwijs zijn onderzoek en valorisatie kerntaken van de hogeschool. Deze twee kerntaken worden uitgevoerd in samenhang met het onderwijs en binnen de academies. Daarnaast versterken de verbindingseenheid Research en Development, Onderwijs en Onderzoek en de verbindingseenheid Zwaartepunten en Contractactiviteiten de innovatiekracht. Verbindingseenheden zijn bedoeld als motor en aanjager van innovaties en belangrijke academie-overstijgende activiteiten. De hiermee samenhangende valorisatie van kennis is een kerntaak van de verbindingseenheid. Voor 2020 waren hiervoor de volgende ambities geformuleerd:

  • Onderwijs en Onderzoek: een aansprekende en duidelijke profilering over onze zwaartepunten praktiseren en te communiceren waarmee we ons nationaal en internationaal op deze zwaartepunten als expertpartner voor onderzoek en innovatie vestigen.
  • Impact op maatschappelijke omgeving en beroepspraktijk: via Centres of Expertise (CoE’s) hebben onderzoeksgroepen met een integrale combinatie van onderzoek, onderwijs en praktijk, aantoonbaar impact op de ontwikkeling van de regio’s waarin we actief zijn en op de innovatie van de beroepspraktijk.
  • Kennisontwikkeling: op basis van sterke zwaartepunten dragen de onderzoekslijnen in meerjarenonderzoeksprogramma’s bij aan innovatie en kennisontwikkeling op die terreinen.

Door zwaartepuntvorming ontstaat focus en zijn onderzoeksgroepen in staat om massa te creëren.

  • Bij de transitie opgave richt de verbindingseenheid Zwaartepunten en Contractactiviteiten zich met name op het bewerkstelligen van een gezamenlijke structuur voor kennisontwikkeling en -circulatie in samenwerking met overheden, onderwijs- en onderzoeksinstellingen en het werkveld. Voor 2020 betekent dit het inzetten op: een Comeniusaanvraag in 2020, een City Deal Kennis Maken regeling 2019 als vervolg op de City Deal Kennis Maken regeling 2018 en verscheidene participaties in maatschappelijke en bedrijfsmatige initiatieven. Al deze activiteiten zijn geselecteerd op mogelijkheden voor kennisontwikkeling, impact op de maatschappelijke omgeving en beroepspraktijk, impact op de student en de zwaartepuntontwikkeling. Vergroting van het aantal crossovers zien we als een belangrijke aanjager in het realiseren van de doelen bij deze ambities.
  • Het vastgestelde zwaartepuntenbeleid zal de verbindingseenheid Zwaartepunten en Contractactiviteiten in samenspraak met de academiedirecteuren mede uitvoeren, waaronder de doorontwikkeling van bestaande en de vorming van nieuwe CoE's.

3.2 Profilering en zwaartepunten

Zwaartepunt Vital Regions

Profilering zwaartepunten en impact op maatschappelijke omgeving en praktijk 
In de tweede editie van het boek Vital Regions, geeft NHL Stenden inzicht op welke wijze zij in samenwerking met verschillende partners op de terreinen vitale educatie, vitale economie en vitale mens & maatschappij, DBE-onderwijs en -onderzoek vervlecht met nationale en regionale vraagstukken. In het boek geven verschillende RUN-EU partners aan waar zij in de nabije toekomst internationale samenwerkingsmogelijkheden voor integrale combinatie van onderzoek, onderwijs en praktijk zien. Met als doelstelling innovatie van de beroepspraktijk en daarmee op termijn aantoonbare impact op de ontwikkeling van de betrokken regio’s.

Kennisdeling en circulatie
Met als hoofddoel de opbrengst van de multidisciplinaire en multilevel inzet van studenten, docenten en onderzoekers – in samenwerking met overheden, bedrijfsleven en burgers – in het onderwijs te borgen en de impact te meten en te delen, is een traject tot een aan het zwaartepunt Vital Regions gekoppelde CoE ingezet. Het curatorium bestaande uit zeven aan het zwaartepunt Vital Regions verbonden academiedirecteuren, hanteert voor dit te ontwikkelen publiek-private samenwerkingsverband de kaders van de commissie Reiner als uitgangspunt. Dit is een continu proces tot de uiteindelijke definitieve inschrijving bij Katapult.

Focus en massa
De 17 lectoren van de acht academies die zich aan het NHL Stenden zwaartepunt Vital Regions hebben verbonden, hebben drie onderzoekseenheden gevormd: Vitale Mens & Maatschappij, Vitale Economie en Vitale Educatie. De betreffende onderzoekseenheden hebben aan de hand van profileringsthema’s in meerjaren onderzoeksprogramma’s beschreven op welke wijze zij met inzet van DBE-onderwijs en -onderzoek maatschappelijke uitdagingen met interne- en externe partners aan gaan. De acht academies hebben gezamenlijk 32 opleidingen en ongeveer 13.000 studenten.

Om bovenstaande processen te faciliteren is de verbindingseenheid gevraagd en ongevraagd, maar altijd in afstemming, bezig met het bewerkstelligen van een gezamenlijke structuur voor kennisontwikkeling en -circulatie in samenwerking met overheden, onderwijs- en onderzoeksinstellingen en het werkveld. Daaronder vallen onder andere beleidsvoorbereidende werkzaamheden in samenwerking met de gemeente Leeuwarden en Innovatie Pact Friesland ten aanzien van een Living Lab Agenda Fryslân. Dit is een initiatief tot vorming van een samenwerkingsverband tussen kennisinstellingen, planbureaus en aan regiodeals verbonden gemeenten in het kader van Kennisuitwisseling Regionale Samenwerking Noord-Nederland. In 2020 heeft NHL Stenden zich aangesloten bij de Nederlandse AI Coalitie (Artificial Intelligence, zie ook Strategisch Actieplan voor Artificiële Intelligentie Rijksoverheid). Awareness bij studenten, onderzoekers en docenten voor deze maatschappelijke uitdaging is vanaf dat moment een belangrijk speerpunt.  

Zwaartepunt Smart Sustainable Industries

Binnen de drie dragende academies van het zwaartepunt werden Ad-opleidingen en masters ontwikkeld die belangrijk zijn voor het verder uitbouwen van het onderwijs binnen het noordelijke en landelijke thema Smart Industries. Het betreft de Ad Robotica en Industriële Automatisering en de Ad Maritieme Techniek. Inmiddels is de inschrijving van start gegaan. Verder is de master Computer Vision ontwikkeld en vormt daarmee een belangrijke opleiding als ruggengraat van de specifieke thema’s binnen het zwaartepunt. Deze master zal in maart 2021 getoetst worden als nieuwe opleiding. Na het succes van de eerste aanvraag van topfondsbeurzen (MIT Boston) werd een maritieme beurs aangevraagd in samenwerking met de universiteit van Napels en met het bedrijfsleven vanuit de jachtbouw. Dit is uitgesteld vanwege corona en zal in 2021 vermoedelijk doorgaan. In 2019 werd het projectplan voor het maritiem design lab (gebouw Rengerslaan 10) goedgekeurd. De opening zal naar verwachting in 2021 plaatsvinden. In Sneek was de oprichting van het maritieme cluster in voorbereiding. 

Vanuit het zwaartepunt Smart Sustainable Industries is een bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de voormalige campus van het Maritiem Instituut op Terschelling (werktitel Lab Victoria). In samenwerking met de RUG en het Friesland College is een plan van aanpak opgesteld en de eerste ideeën zijn voorgelegd aan de gemeente Terschelling. 

Het Innovatiecluster Drachten (ICD) heeft in samenwerking met NHL Stenden nieuwe projecten (3D printing) geselecteerd waarvoor funding werd gezocht bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN). In 2020 hebben er digitale contactmomenten plaatsgevonden tussen studenten en de hightech bedrijven (alternatieve carrièredagen in verband met corona).

NHL Stenden heeft vanuit Smart Sustainable Industries het initiatief genomen om aan te sluiten bij de Nederlandse AI Coalitie. Er zijn voor NHL Stenden zo’n acht werkgroepen relevant en deze zijn verdeeld over collega’s binnen de academies.

Zwaartepunt Service Economy

Het Toerisme Collectief Friesland (TCF) is een samenwerking van onze hogeschool met het Friesland College, de Friese Poort, de Toerisme Alliantie Friesland, het Innovatiepact Friesland, de provincie Fryslân, gemeente Leeuwarden, gemeente Súdwest-Fryslân, gemeente Heerenveen en ondernemers/mkb-ers in de gastvrijheidssector. Hierin wordt op een innovatieve manier samengewerkt aan projecten uit de gastvrijheidssector. Het TCF ging in 2018 van start en bevindt zich nu in een fase van inbedding in het onderwijs en de gastvrijheidssector. Het TCF-project dient tevens als vlaggenschip-project voor City Deal Kennis Maken. Het projectleiderschap is in handen van het zwaartepunt Service Economy. Een georganiseerd congres is door corona verplaatst naar 2021.

In de provincie Drenthe bestaat een gelijksoortige triple helix-samenwerking van spelers in de gastvrijheidssector: Leisure Valley. Hier werkt het European Tourism Futures Institute (ETFI) aan een meerjarig dataproject gefinancierd door Marketing Drenthe. ETFI is marktleider in toekomstonderzoek en scenarioplanning voor vrije tijd, recreatie en toerisme. Tevens is er vanuit het zwaartepunt meegedacht met ‘Perspectief Bestemming Drenthe 2030’.

Het project Blue Zone Innovation Hubs, horende bij de Regio Deal ZO Drenthe, is vormgegeven en mede geschreven vanuit het zwaartepunt. Dit project behelst een crossover samenwerking van de vrijetijds- en gezondheidssector binnen zes gemeentes van de genoemde regio. Vanuit lokale hubs vindt een innovatieve samenwerking plaats tussen het mkb, het beroepsonderwijs, de overheden en bewoners en bezoekers. De planningsfase is grotendeels afgesloten en de start is in 2021. Tevens zal hierin worden samengewerkt met de Open Science Hubs geïnitieerd door ASTRON.

Samen met het lectoraat Mariene Wetlands Studies is het project Waddengastronomie versterkt Werelderfgoedbeleving vormgegeven. Dit project voorziet in een majeure rol voor NHL Stenden als kenniscentrum en projectuitvoerder. Partners zijn drie provincies (Noord-Holland, Friesland & Groningen), Waddenfonds en de Stichting Waddengroep. Het project gaat in april 2021 van start en is ondergebracht bij ETFI. Vanuit het zwaartepunt is meegedacht met en meegeschreven aan het RUN-EU-project tijdens de opstartfase in Ierland aan het begin van 2020. Vervolgens is er plaatsgenomen in de EZ-ID-workshop als participant en contactpersoon voor de hogeschool.

3.3 Verbinding van onderzoek en onderwijs

Door middel van praktijkgericht onderzoek ontwikkelt de hogeschool toepasbare kennis rondom actuele maatschappelijke vraagstukken. De hogeschool doet dit op het gebied van de drie zwaartepunten zoals beschreven in de vorige paragrafen. De nieuw ontwikkelde kennis werkt op verschillende manieren door in het onderwijs. Zo worden studenten ingezet bij de uitvoering van onderzoek door lectoraten. Ook werken studenten binnen ateliers in het kader van DBE aan zwaartepunten gerelateerde vraagstukken. 

Binnen de 14 academies waren 37 lectoraten en 39 lectoren en associate lectoren actief. Daarnaast had de hogeschool vier hogeschoolbrede lectoraten. Deze zijn gepositioneerd binnen de verbindingseenheid Research en Development, Onderwijs en Onderzoek. Deze lectoraten richten zich op hogeschoolbrede onderzoeksthema’s: Innovatie, Onderzoek, Onderwijs (DBE) en Internationalisering. In de lectoraten werd door lectoren, docenten en studenten intensief samengewerkt met het (lokale) bedrijfsleven. In sommige gevallen wordt vanuit deze samenwerkingsverbanden ook subsidie aangevraagd. Bij deze projecten waren academies, diensten en verbindingseenheden betrokken. Op 20 projecten was en is de hogeschool penvoerder. Aan het einde van 2020 zijn 17 projecten nog in behandeling. Enkele voorbeelden van aansprekende onderwijs- en onderzoeksprojecten zijn onze deelname in het Regional Universities Network (RUN) en Mentor your future (vanuit het mentorprogramma Friesland), de ontwikkeling van de Smart Industry Hub Noord-Nederland en onze betrokkenheid bij de ontwikkeling van de media innovatie campus in Leeuwarden.

3.4 Centres of Expertise

In lijn en in samenhang met de drie zwaartepunten is de hogeschool actief in vier Centres of Expertise (CoE's). Dit zijn publiek-private of publiek-publieke samenwerkingsverbanden tussen hogescholen en het werkveld, met een scherpe focus op een maatschappelijke uitdaging. De ratio achter de CoE is om de verbinding te leggen tussen het hoger beroepsonderwijs, topsectoren en maatschappelijke uitdagingen door netwerkvorming van lectoren, ondernemers, onderzoekers uit publieke en private instellingen, docenten en studenten.

De CoE's leveren een bijdrage aan het bevorderen van de zwaartepunten in onderzoek van hogescholen. Hogescholen hebben op dit terrein de volgende ambities geformuleerd:

  • Doorgroei op maatschappelijke uitdagingen gerichte CoE (zoals genoemd in de Strategische Agenda Hoger Onderwijs).
  • Stimuleren van verdere profilering en zwaartepuntvorming.
  • Verzorgen van afstemming tussen CoE's onderling.
  • Zoeken van aansluiting en afstemming met de CoE en de Kennis- en Innovatieagenda’s van de topsectoren en de Nationale Wetenschapsagenda.

Binnen de CoE wordt geïnvesteerd in onderwijsinnovatie, leven lang leren en onderzoek en innovatie. Een aantal lectoraten is verbonden aan een CoE. De hogeschool ziet geen belangrijke risico’s rondom deze samenwerkingen, maar ziet het meer als kans op ontwikkeling en kennisdeling. De risicobeheersing van deze samenwerking vindt primair plaats vanuit de algemene risicobeheersing van de hogeschool (zie risicoparagraaf 9.10). De beoogde resultaten van deze samenwerkingen wordt hierna per CoE toegelicht: 

  • CoE Watertechnologie (CEW): een expertisecentrum voor toegepast onderzoek op het gebied van watertechnologie. Het CEW voert samen met studenten, docenten en het bedrijfsleven onderzoek uit in geavanceerde laboratoria en op diverse (demo)sites. Daarbij worden mbo- en hbo-studenten en docenten actief betrokken. Primaire partners van het Centre zijn, naast NHL Stenden en Van Hall Larenstein: Wetsus, Vitens, Stichting Well en WLN.
  • Greenpac: een open innovatiecentrum op het gebied van (groene) kunststoffen, vezels en composieten dat initiërend en faciliterend is voor business driven kennisontwikkeling. Hiernaast participeren diverse bedrijven, mbo-instellingen en regionale overheden in het centrum. NHL Stenden werkt hierin samen met hogeschool Windesheim.
  • CoE in Leisure, Tourism & Hospitality (CELTH): opgericht voor het domein van Leisure, Tourism & Hospitality. Inhoudelijke ondersteuning wordt geleverd door Breda University of Applied Science en Hogeschool Zeeland, alsmede de RUG. De penvoering van dit expertisecentrum is in handen van Breda University of Applied Science.
  • CoE Healthy Ageing: een expertisecentrum van bedrijven, zorg- en welzijnsinstellingen, onderwijs en kennisinstellingen, die gezamenlijk praktische innovatie van zorg en welzijn bewerkstellingen en kennis daarover ontwikkelen voor nieuw en beter onderwijs. De Hanzehogeschool is penvoerder van dit centrum.

De hogeschool ontwikkelt drie nieuwe CoE’s rondom de zwaartepunten. Bij Smart Sustainable Industries versterken interne en externe partners samen het ecosysteem in Noord-Nederland door Slimme Ontsluiting van de initiatieven op dit gebied in een interactief kennisknooppunt gericht op inhoud (kennis) en relatie (wie, wat en waar). Bij het CoE (in oprichting) Vital Regions zijn drie speerpunten geformuleerd: verbinding en samenwerking, wicked problems en internationalisering. Voor het CoE (in oprichting) van Service Economy is ‘betekenisvolle ervaringen’ als de centrale rationale gekozen en wordt er gewacht op besluitvorming vanuit het college van bestuur voor wat betreft de definitieve keuze of zwaartepuntvorming plaats zal vinden in de vorm van CoE’s. Er ligt een plan klaar en er zijn projecten voor handen die goed passen binnen de rationale van het CoE Service Economy en het thema ‘betekenisvolle belevingen’.

Volgend hoofdstuk: 4 Internationalisering