Spring naar inhoud

Governance

8.1 Organisatie

In hoofdstuk 1 zijn de missie, visie en ambities beschreven. De ambities worden verwezenlijkt door een eigentijds organisatie- en besturingsmodel. Dat model kenmerkt zich door een grote betrokkenheid van alle medewerkers en studenten, de keuze voor een platte organisatie en het laag in de organisatie leggen van verantwoordelijkheden. Het resultaatverantwoordelijke team en een goede organisatie van dialoog, afstemming en overleg zijn de hoofdkenmerken van het besturings- en organisatiemodel. De hogeschool is van álle medewerkers, georganiseerd in teams: dat is de kern van de organisatiefilosofie die sinds de start van de hogeschool geldt. Conform afspraak in de fusiedocumenten startte in augustus 2020 een evaluatie van de hoofdstructuur. De uitkomst van die evaluatie wordt in 2021 verwacht. 

In 2020 is NHL Stenden, net als alle andere instellingen voor hoger onderwijs in Nederland, geconfronteerd met de effecten van en maatregelen rond het coronavirus. Dit betekende veel voor het onderwijs, toetsen, welzijn van studenten, welzijn van medewerkers en ook voor de overlegstructuren binnen de instelling. Er werd voor gekozen de overlegstructuren te handhaven, het overleg via MS Teams te voeren en de frequentie te intensiveren.

Dialoog, afstemming en overleg

In 2020 vonden 4­, 8­ en 12-­maands rapportagegesprekken (‘R-gesprekken’) plaats. Daaraan namen deel: de directeur van het desbetreffende organisatieonderdeel, de directeur van de dienst Finance & Control en het college van bestuur ondersteund door de directeur van de bestuursstaf. In deze gesprekken werd de voortgang ten opzichte van het jaarplan besproken aan de hand van onderwerpen zoals onderwijskwaliteit, invoering DBE, onderzoek en valorisatie, internationalisering, financiën en personele zaken. Het jaarplan en de begroting werden eveneens in deze samenstelling besproken. Het borgen van de informatie en communicatie gebeurde langs de lijn van het management. Leren van elkaar en het uitwisselen van good practices waren hierin belangrijk. 

Hogeschoolberaad

Gemiddeld eens per drie weken vond een hogeschoolberaad plaats. Aan dit beraad namen de 26 directeuren, de secretaris van het college van bestuur en de leden van het college van bestuur deel. Dit beraad was gericht op het bespreken van strategische zaken en had een beleidsadviserend karakter. De meest in het oog springende onderwerpen waren: evaluatie hoofdstructuur, de ontwikkeling van het portfoliobeleid, programma 'Ambities waarmaken', de begroting en jaarplan 2021, online-onderwijs en toetsing en de effecten van de coronamaatregelen. Idealiter wordt tweemaal per jaar een thematische tweedaagse georganiseerd. In verband met de coronamaatregelen was dit in 2020 eenmaal mogelijk (begin maart 2020). Dit overleg stond in het teken van crisismanagement rond de effecten van de coronamaatregelen.

Crisisteam coronavirus

In maart stelde het college van bestuur een coronacrisisteam in. Hierdoor konden wendbaar en snel besluiten worden genomen. In het team waren de volgende disciplines vertegenwoordigd: onderwijslogistiek, Internationalisering, HRM, communicatie, facilities, college van bestuur en ondersteuning, academies en ICT. Het crisisteam kwam met grote regelmaat bijeen om de actuele stand van zaken te bespreken, vragen vanuit de lijn te beantwoorden en te anticiperen op wat mogelijk komen gaat. Directeuren, de HMR en de raad van toezicht werden via verslagen en/of statusrapporten geïnformeerd over de stand van zaken. Medewerkers en studenten werden door respectievelijk medewerkers- en studentennieuwsbrieven en via het intranet geïnformeerd.

8.2 College van bestuur

Het college van bestuur is verantwoordelijk voor het besturen van de hogeschool en de realisatie van de doelstellingen van de hogeschool, de strategie, de financiering, het beleid en de daaruit voortvloeiende resultaatontwikkeling. Het college legt hierover periodiek verantwoording af aan de raad van toezicht met behulp van geconsolideerde ­rapportages. Het college is in ieder geval belast met en direct verantwoordelijk voor het vaststellen, monitoren en evalueren van de strategie van de hogeschool, het instellingsplan, het beleid van de hogeschool, het kwaliteitszorgsysteem, het interne risicobeheersings-­ en controlesysteem, het internationaliseringsbeleid en het integriteitsbeleid. Daarnaast is het college direct belast met onder meer het beheer van alle middelen van de hogeschool, de vaststelling van jaarplan, jaarrekening, het studentenstatuut en het format voor de onderwijs- en examenregelingen (OER’s), het inrichten van de medezeggenschap, het afleggen van horizontale en verticale verantwoording, het inrichten van een klachtenregeling voor studenten en het verlenen van behaalde graden.

Het college van bestuur vergaderde in de regel wekelijks. Hierbij waren geregeld academiedirecteuren, dienstdirecteuren en directeuren van verbindingseenheden of specialisten aanwezig om agendapunten toe te lichten.

Als gevolg van de coronamaatregelen was 2020 niet het jaar van de gebruikelijke koffiemomenten en let’s connect-bijeenkomsten waarmee het college op laagdrempelige wijze het contact met studenten en medewerkers zocht en vond. Daarvoor in de plaats werden diverse webinars voor specifieke groepen medewerkers en studenten georganiseerd. Onderwerpen waren online-toetsing, studentenwelzijn, inclusiviteit en discriminatie, internationalisering.

Met regelmaat publiceert het college een eigen nieuwsbrief waarin hetgeen zich afspeelt rond de bestuurstafel wordt gedeeld met medewerkers. Ook worden specifieke besluiten nader toegelicht en de blik op de nabije toekomst gericht.

In verband met het vertrek van Klaas-Wybo van der Hoek per 30 juni 2020 en Max Merkx per 11 juli 2020 benoemde de raad van toezicht per 1 augustus Oscar Couwenberg en Marc Otto tot leden van het college van bestuur. Het nieuwe college stelde een portefeuilleverdeling op en legde deze ter goedkeuring voor aan de raad van toezicht. Het college stelde ook een veranderagenda voor de periode 2020-2024 op.

Studentadviseur

Vanaf september 2018 wordt het college van bestuur bijgestaan door een studentadviseur: een student die twee dagen in de week meeloopt met het college van bestuur en het college van advies voorziet, specifiek op het terrein van studentzaken. Danique Krikke werd per 1 september 2020 opgevolgd door Annika Verduin. Annika is de derde studentadviseur op rij die deze rol vervult.

'Ambities waarmaken'

In de eerste fase van de nieuwe hogeschool na de fusie was de aandacht vooral gericht op de ontwikkeling en implementatie van het onderwijsconcept en het implementeren van de organisatiestructuur. De dienstverlening vond vaak nog plaats op basis van de twee bestaande, ‘oude’ systemen. Omwille van de ambities met betrekking tot onderwijs, onderzoek en kennisvalorisatie en de daarbij behorende professionele dienstverlening, diende de basis verder op orde te worden gebracht. Daartoe is het programma Ambities waarmaken ingericht.

In 2019 werden teams van dienstdirecteuren en academiedirecteuren gevormd die zich gezamenlijk inzetten voor een van de vijf thema’s uit het plan. Het plan werd intern uitgebreid besproken. Tijdens een aantal sessies werd gesproken over wat de gekozen besturingsfilosofie (met als kernpunt integrale verantwoordelijkheid voor academiedirecteuren) in de praktijk betekende. Daarbij werd ook een prioritering aangebracht in de verbeterprojecten. In 2020 werd dit programma afgerond en zijn de nog openstaande punten teruggeleid naar de lijn.

Besluitvorming

Besluitvorming vindt plaats in de vergaderingen van het college van bestuur, waarbij bij voorstellen de adviezen van verschillende diensten en organen in de hogeschool wordt gevraagd. De besluiten worden maandelijks via het intranet gecommuniceerd.

8.3 Raad van toezicht

De raad van toezicht houdt toezicht op het college van bestuur en op de algemene gang van zaken binnen de hogeschool. De raad van toezicht staat het college van bestuur gevraagd en ongevraagd met raad terzijde. Naast deze rollen van toezichthouder op en klankbord voor het college van bestuur, vervult de raad van toezicht de rol van werkgever van de leden van het bestuur. Bij de uitoefening van hun taak richten de leden van de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting en de daaraan verbonden hogeschool. In dit jaarverslag heeft de raad van toezicht een eigen verslag van zijn werkzaamheden opgenomen.

8.4 Belangenverstrengeling

Er deden zich in 2020 geen vormen van belangenverstrengeling tussen de hogeschool en de leden van het college van bestuur voor.

8.5 Bezoldiging

De bezoldiging van de leden van de raad van toezicht en de leden van het college van bestuur voldoet aan de geldende normering van de overheid (Wet Normering Topinkomens). De bezoldiging over 2020 is opgenomen in de jaarrekening 2020 van Stichting NHL Stenden Hogeschool. De bestuurders maakten in 2020 onderstaande kosten voor onder andere reis, verblijf en representatie. De opstelling en verantwoording van deze kosten is in lijn met de ‘Regeling declaraties en bestuurskosten CvB leden Bekostigde Nederlandse Hogescholen’ die op 20 juni 2018 door de Vereniging Hogescholen aan de minister is aangeboden.

Overzicht verantwoording declaraties en bestuurskosten CvB-leden van Nederlandse Hogescholen

In onderstaande tabel worden de bestuurskosten verslagen die voor vergoeding in aanmerking komen en in het jaarverslag moeten worden verantwoord.

Bestuurskosten

    K.W. van der Hoek E. Schaper M. Merkx M. Otto O. Couwenberg CvB Gezamenlijk Totaal
1 Representatie  -   -   -   -  57  -  57
2 Reiskosten binnenland 109 4.743 1.442 299 607  -  7.200
3 Reiskosten buitenland 5 5.647  -   -   -   -  5.652
4 Overige kosten  -  354  -   -   -   -  354
5 Totaal 114 10.745 1.442 299 664  -  13.264

8.6 Horizontale verantwoording

De hogeschool streeft ernaar om studenten, medewerkers en de omgeving optimaal te betrekken bij de organisatie en inhoud van het onderwijs. Dat gebeurt onder meer door middel van evaluaties, studentenraden en studentenpanels, medezeggenschapsorganen, raden van advies en werkveldadviescommissies en adviesfuncties bij directeuren en college van bestuur. 

Naast het noordelijk hbo-beraard en het bestuurlijk overleg met mbo-scholen, werd overleg met zusterhogescholen onder meer gevoerd binnen de Vereniging Hogescholen. Het bestuur van de Vereniging Hogescholen stelt bestuurscommissies in. Deze bereiden het beleid over verschillende aandachtsgebieden voor. De voorzitter van het college van bestuur is lid van de bestuurscommissie arbeidsvoorwaarden. Collegelid Klaas-Wybo van der Hoek was lid van de stuurgroep lerarenopleidingen en de bestuurscommissie internationalisering.

Overleg en samenwerking met kennisinstellingen en overheden in Groningen en Friesland kreeg onder meer vorm in het Hoger Onderwijsakkoord Fryslân (HOAF). In dit akkoord bekrachtigden partijen de samenwerking om in Leeuwarden meer masteropleidingen en promotieonderzoeksprojecten te realiseren. Het doel is om de Friese economie en kennisinfrastructuur te versterken. Dit moet leiden tot meer kennis, een versterkte regionale innovatiekracht met meer bedrijvigheid en meer werkgelegenheid. Het Hoger Onderwijsakkoord borgt de aanwezigheid van de Rijksuniversiteit Groningen in Leeuwarden. Op de Campus Fryslân van de Rijksuniversiteit Groningen biedt de hogeschool in samenwerking met de RUG de masteropleiding Tourism Geography and Planning en de masteropleiding Multilingualism aan. De hogeschool participeert actief in het masteroverleg met de Campus Fryslân.

Met de toeleverende scholen werd overlegd in het kader van verschillende aansluitingsnetwerken zoals VOHO Fryslân, de toeleverende scholen in Drenthe, via jaarlijkse decanendagen, via inhoudelijke samenwerking (met de ROC’s als het gaat om associate degrees; met de Drentse technasia als het gaat om het faciliteren van onder­ zoekend en ontwerpend onderwijs) en via werkbezoeken van het college van bestuur. Het toelatingsbeleid was een punt van overleg met toeleverende scholen en met collega-­hogescholen in het Noorden.

De dialoog met het personeel werd gevoerd via de formele weg van deelmedezeggenschapsraden, de hogeschoolmedezeggenschapsraad, maar ook via de informele weg van de regelmatige al dan niet digitale informatiebijeenkomsten die het college van bestuur organiseerde en waar ruimte was voor directe dialoog en discussie. De jaarlijkse ‘Kennis Maken Dag’ voor alle medewerkers werd geannuleerd in verband met de maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus.

Het contact met de aspirant-studenten werd meer dan ooit onderhouden via de sociale media waarbij veelvuldig huidige studenten als contactpersoon fungeerden. Startende studenten werden in de studiestartweek via allerlei kanalen geïnformeerd. Deze studiestartweek kon in verband met de beperkingen ter beperking van de verspreiding van het coronavirus ook niet op de gebruikelijke manier worden georganiseerd. 

Het overleg met de studenten uit de opleidingen liep via studentenraden en studentenpanels en via de opleidingscommissies. De dialoog werd gevoerd in het overleg met de studentenverenigingen, maar steeds vaker ook via sociale media. Deze dialoog werd bevorderd door de opzet van de gebouwen en de onderwijskundige keuzes (leerbedrijven, ateliers en kleine groepen in DBE). Het contact met de alumni werd gecoördineerd door de opleidingen en verliep vooral via opleidingsgebonden groepen op sociale media.

De dialoog met het werkveld kreeg structureel vorm door middel van de raden van advies/werkveldadviescommissies. Elke opleiding (of groep van opleidingen) heeft haar eigen raad van advies/werkveldadviescommissie, die regelmatig bijeenkomt en waarvan de adviezen zwaar wegen. Het college van bestuur heeft jaarlijks een overleg met alle voorzitters. Dit overleg fungeert als adviesorgaan op instellingsniveau. Dit overleg vond als gevolg van de beperkingen ter beperking van de verspreiding van het coronavirus in 2020 niet plaats.

In Emmen werd de dialoog met de werkgevers fysiek georganiseerd rond het Ondernemersplein, waar de gemeente, de Kamer van Koophandel, het MKB en de hogeschool elkaar ontmoeten in de zogenaamde Kenniscampus.

Het college van bestuur overlegde regelmatig met de provincies, zusterinstellingen en andere betrokken partijen in het kader van het Innovatie Pact Fryslân, de Dutch Tech Zone de Economic Board Noord-Nederland, en ook met alle gemeenten waarin de hogeschool gevestigd is.

Alle opleidingen zijn lid van een eigen landelijk overleg waarin de dialoog met collega-­opleidingen in Nederland plaatsvindt. Onderwerpen van gesprek binnen de landelijke overleggen waren onder meer: het landelijk beroepsopleidingsprofiel, het niveau en de borging van de eindkwalificaties, uniforme toelatingseisen en uitwisseling van examencommissieleden in het kader van uitvoering van de notitie ‘Vreemde ogen dwingen’.

Inspectie-onderzoek

De hogeschool liet in 2019 op verzoek van de inspectie aanvullend extern onderzoek doen naar de mogelijke besteding van publieke middelen aan private activiteiten en naar een aantal signalen die bij de inspectie waren binnengekomen over het onderwijs in Qatar.

Na overleg met de inspectie en als gevolg van de beperkte jurisdictie van de inspectie besloot de hogeschool zelf aanvullend extern onderzoek te laten uitvoeren en voor te leggen aan de inspectie. Daarnaast gelastte het college van bestuur een additioneel extern onderzoek naar de werking van het systeem van kwaliteitszorg bij het onderwijs in Qatar.

Het externe onderzoek ‘systeem van kwaliteitsborging’ dat op initiatief van de hogeschool werd uitgevoerd door Certiked werd in het najaar van 2019 afgerond. In het rapport werd geconcludeerd dat: “Het kwaliteitssysteem, het toetssysteem en de kwaliteitscultuur beantwoorden (….) aan de eisen die daaraan in Nederland worden gesteld, mede in het licht de borging van de waarde van de diploma’s.”

Het externe onderzoek naar publiek-­private doorbelastingen in Qatar werd in 2019 afgerond. De inspectie van het onderwijs, dienst rekenschap onderschreef in haar rapport de bevindingen van de externe onderzoeker op het gebied van de publiek-­private doorbelastingen en concludeerde dat er “per saldo geen sprake was van aanwending van publieke middelen voor private activiteiten in Qatar”. Daarnaast heeft de externe onderzoeker enkele aanbevelingen gedaan om de processen te optimaliseren, die zijn overgenomen door het college van bestuur.

In 2019 vond de accreditatie van de opleiding Hotelmanagement door de NVAO plaats. De NVAO heeft het panel dat de beoordeling doet gevraagd in de beoordeling ook in het bijzonder te kijken naar de kwaliteit van de eindwerken van studenten die een deel van de opleiding in Qatar hebben gevolgd. De NVAO accrediteerde in november 2019 de opleiding.

Ook werden in november 2019 de uitkomsten van het onderzoek naar de signalen met de inspectie gedeeld. Dit leidde ertoe dat de inspectie geen directe aanleiding ziet tot twijfel aan geldigheid van de in Qatar verleende graden.

Tevens werd het principe van here is there losgelaten. Met deze nieuwe aanpak wordt een strikte scheiding aangebracht tussen onderwijs leidend tot een graad conform lokale wetgeving en het (WHW­)onderwijs in Nederland leidend tot een Nederlandse graad.

Het besluit en het daaropvolgende door NHL Stenden opgestelde toekomstgerichte plan van aanpak waarin geleerd wordt van het verleden maar ook oog is voor de nieuwe wetgeving transnationaal onderwijs en de complexiteit voor examencommissies in de uitvoeringspraktijk werd tezamen met de uitkomsten van de verschillende externe onderzoeken gedeeld met de inspectie. Dit werd door de inspectie positief ontvangen.

In november 2020 maakte de onderwijsinspectie het finale rapport over het onderwijs in Qatar openbaar. De conclusie van het herstelonderzoek luidde dat NHL Stenden voldoet aan de eisen in de wet- en regelgeving aangaande het onderwijs in het buitenland, de toelating van studenten uit Qatar en de rol van de examencommissies.

Als lerende organisatie herijkten we in 2020 ons internationaliseringsbeleid en pasten we dit aan op basis van de diverse onderzoeken. Internationalisering is voor onze werkvelden en studenten onverminderd van belang. Internationale ervaring en de interculturele studie­ en denkdialoog staan centraal. Het internationaliseringsconcept van NHL Stenden maakten we toekomstbestendig en minder kwetsbaar. We bouwen ons internationaal netwerk van betrouwbare partners uit, waarbij we niet meer in eigen beheer Nederlandse degree-programma’s in het buitenland zullen verzorgen.

NHL Stenden kijkt terug op een zorgvuldig proces dat onder meer heeft geleid tot een herijking van de wijze waarop NHL Stenden internationalisering vorm en inhoud geeft. Hiermee wordt dus afstand gedaan van het internationale multicampus concept en spreken we van internationale Grand Tour locaties. 

8.7 Hogeschoolmedezeggenschapsraad (HMR)

Informatie over de HMR

In de periode tot eind december 2020 kwam de HMR in totaal 34 keer bijeen, waarvan tweemaal met de raad van toezicht inclusief het college van bestuur en veertien maal met het college van bestuur.

De HMR kreeg in 2020 een adviesverzoek en veertien instemmingsverzoeken van het college. Tevens ontving de raad één adviesverzoek van de raad van toezicht. De raad voorzag het college van bestuur tweemaal van ongevraagd advies. Dit leidde tot een evaluatie van het medezeggenschapsreglement en een aantal daarmee samenhangende wijzigingen in het medezeggenschapsreglement. De HMR kreeg onder meer de volgende onderwerpen ter instemming voorgelegd:

  • Kwaliteitsafspraken
  • Geconsolideerd jaarplan 2020
  • Medezeggenschapsreglement (n.a.v. evaluatie)
  • Verlofregeling
  • Aanpak van verzuim
  • Het hogeschoolbrede format voor de OER’s
  • Studentenstatuut

De HMR kreeg de volgende onderwerpen voor advies voorgelegd:

  • Instellingscollegegeld
  • Profielschets en benoeming leden college van bestuur
  • Profielschets nieuwe leden raad van toezicht

Daarnaast hield de HMR de vinger aan de pols ten aanzien van het dossier ‘pilot zorg en welzijn/de expeditie’ (academies Gezondheidszorg en Social Studies).

Dagelijks bestuur en commissies

De HMR kent een dagelijks bestuur.

Binnen de HMR werd ook in 2020 gewerkt met commissies. De commissies behandelden advies- en instemmingsaanvragen die de HMR ontving. Door met een kleinere groep mensen naar deze aanvragen te kijken, kon er meer inhoudelijk worden gesproken en maakte het de workload voor de plenaire raad beter behapbaar. De commissies adviseerden de voltallige HMR, wanneer de commissies van opvatting waren dat zij genoeg kennis hadden om advies te geven aan de plenaire raad. Door de hoeveelheid commissies werd het werk soms versplinterd. Met de aanstelling van twee nieuwe leden van het college van bestuur koos de raad vanaf september 2020 voor een structuur van vier commissies, namelijk: Financien, Onderwijs en onderzoek, Bedrijfsvoering en Intern/Extern. 

Leden

  Eenheid 2019 1)
Totaal aantal studenten 2)  Indiv.  23.836
Bekostigde inschrijvingen  Inschr.  15.566
Onbekostigde inschrijvingen  Inschr.  8.270
     
Associate degree  Indiv.  1.324
Bachelor  Indiv.  21.648
Master  Indiv.  852
Flexibel onderwijs (project vraagfinanciering)  Indiv.  12
     
Nederlandse studenten  Indiv.  20.806
EER studenten  Indiv.  2.007
     

Dagelijks bestuur

In 2020 bestond het dagelijks bestuur uit: Mariam Al Dreibe, Agnes Brinks, Wim van Leunen en Kees Grooteman. Het in 2019 gestarte experiment met de verdeling van de rollen binnen het dagelijks bestuur werd voortgezet. In deze periode was de rolverdeling: Wim van Leunen - duovoorzitter, Kees Grooteman - duovoorzitter, Agnes Brinks - secretaris, Mariam al Dreibe - lid. Het experimenteren met rollen vindt het bestuur passen bij de gedachte dat studenten, binnen hun persoonlijke leerwensen, maximaal moeten kunnen profiteren van de door hun aanvaarde functie. Om dit nog meer inhoud te geven vervulde Kees Grooteman deze periode de rol van duovoorzitter. In deze functie was hij verantwoordelijk voor de helft van alle vergaderingen (overleg-intern-commissie-voorzittersoverleg) en voerde hij overleg met het college van bestuur en raad van toezicht.

In het voorjaar van 2020 vond een tussentijdse evaluatie plaats, uitgevoerd door het dagelijks bestuur, op verzoek van de HMR. Het gaf de leden de gelegenheid om in een besloten setting van gedachten te wisselen over het functioneren van de raad en de eigen rol daarin. Hierbij werd uitdrukkelijk ook gevraagd naar verbeterpunten voor dagelijks bestuur, de raad en het betreffende lid zelf.

Voorkomende werkzaamheden van het dagelijks bestuur waren:

  • bespreken van onderwerpen die onder de aandacht van de HMR gebracht moesten worden en het maken van een selectie c.q. prioritering in de behandeling hiervan. 
  • voorbereiden HMR-vergaderingen en overlegvergaderingen met college van bestuur.
  • agenda-overleg met college van bestuur.
  • informeel overleg met de leden van academie- en dienstenmedezeggenschapsraden alsmede ook de RvT.
  • voorzittersoverleg dagelijks bestuur HMR met voorzitters academie- en dienstenradenmedezeggenschapsraden.
  • voorzittersoverleg HMR met de raad van toezicht.
  • spoedoverleg met college van bestuur.
  • gesprekken over interne coronamaatregelen.
  • gesprekken over het dossier Qatar.
  • deelname ITK en de externe beoordeling van het plan voor de inzet van de studievoorschotmiddelen.
  • evaluatie van het medezeggenschapsreglement.
  • klankbordfunctie. Medewerkers en studenten vonden ook in 2020 de HMR, zowel via de reguliere overlegmomenten als daarbuiten, om zorgen te bespreken en vragen te stellen. Waar relevant en binnen het kader van de medezeggenschap werden zorgen gedeeld met het college van bestuur.
  • deelname aan het overleg medezeggenschapsraden hogescholen Noord-Nederland stond op de rol, maar werd vanwege de coronamaatregelen opgeschort.

Commissie financiën

De financiële commissie bestond uit Kees Grooteman, Jeffrey Klein, Lotte Huizinga, Peter Nonhof en Eva Wierenga. De financiële commissie behandelde onder meer de R-rapportages, waarin de gerealiseerde resultaten (tussentijds) worden vergeleken met de begroting. De HMR vroeg daarbij met name uitleg over de oorzaak van een aantal positieve en negatieve uitschieters. In het najaar van 2020 werden gesprekken gevoerd over de opzet van de kaderbrief 2021. De financiële commissie kreeg inzicht in de financiële positie van de hogeschool. 

Commissie onderwijs en onderzoek

Deze commissie keek mee naar de ontwikkelingen binnen onderwijs en onderzoek ten gevolge van de coronapandemie, inclusief de thuiswerkomstandigheden voor studenten en docenten. Ten aanzien van onderwijs werd vooral gesproken over de mogelijkheden om online-ateliers vorm te geven en werd gepleit voor contactonderwijs waar mogelijk. Tot slot inventariseerde de commissie welke uitgangspunten en besluiten uit het fusiedocument nog aandacht vragen op het gebied van onderwijs en onderzoek. 

Commissie personeel en organisatie

De commissie personeel en organisatie bestond uit Kees Poelman, Meta Jaarsma, Wim van Leunen  en Hilly Boers. Vanaf september 2020 ging deze commissie samen met de commissie bedrijfsvoering. 

 Onderwerpen die aan de orde kwamen:

  • werkdrukbeleid
  • strategisch HRM-beleid
  • professionaliseringsgelden
  • professionalisering van docenten
  • MTO (Medewerkerstevredenheidsonderzoek)
  • protocol arbeidsconflicten
  • taakbeleid (invulling van de professionele ruimte)
  • ouderenbeleid
  • promotieregeling (waarvoor intern een achterbanraadpleging heeft plaatsgevonden)
  • toebedeling budget aan resultaatverantwoordelijke teams
  • ziekteverzuim in coronatijd

De commissie hield zich daarnaast bezig met vragen van de achterban:

  • invulling van de professionaliseringsgelden
  • repatriëringsgelden voor studenten die vanwege de coronamaatregelen terug moesten komen uit het buitenland
  • aanmeldingsbeleid (21+ toets)

Commissie studentzaken en bedrijfsvoering

De commissie studentzaken en bedrijfsvoering bestond uit Alvar van Rijn, Mirjam Veeneman, Raoul Michels en Marie Meyer. De commissie trachtte situaties te analyseren, te evalueren en waar nodig acties te ondernemen om zo het studentenklimaat binnen de hogeschool te bevorderen en te borgen. Hier valt te denken aan sociale, emotionele, cognitieve en fysieke benodigdheden die het welzijn van studenten beïnvloeden tijdens hun studententijd.

De commissie richtte haar aandacht in 2020 onder meer op:

  • vernieuwing reglement profileringsfonds
  • betrokkenheid bij het plan kwaliteitsafspraken met een focus op het beleid met betrekking tot studieloopbaanbegeleiding.

In 2020 vonden er geen aparte vergaderingen van de commissie plaats. Het voorstel verbetering profileringsfonds werd door de HMR aan het college gedaan. Het voornemen van het college was hier in Q1 een evaluatie van te doen. Vanwege de coronapandemie vond deze evaluatie niet plaats.

Commissie 'Ambities waarmaken'

Twee leden van de commissie onderwijs en onderzoek, aangevuld met twee andere leden van de HMR waren betrokken bij het programma 'Ambities waarmaken' . De commissie werd middels diverse bijeenkomsten meegenomen in het proces dat was opgezet rondom dat programma. Dit leidde tot presentaties, documenten, gesprekken en uiteindelijk een eindrapport. 'Ambities waarmaken' werd in het overleg tussen HMR en raad van toezicht besproken in het licht het vervolg. 

Commissie evaluatie hoofdstructuur en portfoliobeleid

De voorzitter van de HMR en een lid van de commissie onderwijs en onderzoek waren betrokken bij het project evaluatie hoofdstructuur en het project portfoliobeleid. De HMR ontving in het eerste deel van het verslagjaar de opdrachtformulering voor beide projecten. Net na de zomer werd bekend gemaakt dat het project portfolio door bureau Turner wordt begeleid en de evaluatie van de hoofdstructuur door bureau TwynstraGudde. In de tweede helft van het jaar kreeg de commissie een presentatie van beide bureaus over de voortgang. 

Commissie kwaliteitsafspraken

In de aanloop naar de herbeoordeling van het plan voor de inzet van de studievoorschotmiddelen (plan kwaliteitsafspraken) nam een lid van de commissie onderwijs & onderzoek (Marina Tjepkema) deel aan de voorbereiding van dit proces. Zij was samen met Kees Grooteman en Eva Wierenga lid van de delegatie die door het externe auditpanel werd gehoord over het aangepaste plan kwaliteitsafspraken. 

Commissie intern & extern

De commissie intern & extern, bestaande uit de HMR-leden Wim van Leunen en Riekelt-Jan van Veen, hield zich in het afgelopen half jaar vooral bezig met:

  • evaluatie van de hoofdstructuur
  • portfoliobeleid
  • fusiedocument
  • merkenarchitectuur
  • Stenden Professionals
  • coronamaatregelen
  • internationalisering 2.0
  • evaluatie verkiezingen

De commissie hield zich ook bezig  met onderwerpen die opkwamen vanuit de achterban, bijvoorbeeld de vergoeding van onkosten in het licht van de coronamaatregelen en problemen van studenten met Exchange en Grand Tour. 

Verkiezingen

In december 2020 vonden conform het reglement verkiezingen voor de (deel)medezeggenschap plaats.  

Volgend hoofdstuk: 9 Financieel jaarverslag